December is de maand van lijstjes. Verlanglijstjes, cadeau-inspiratielijstjes, lijstjes met goede voornemens, lijstjes met hoogtepunten en lijstjes met dieptepunten. Maar eigenlijk vergeten we een ander, belangrijk lijstje: het stoplijstje. Want om ruimte te maken voor het nieuwe moeten we ook kiezen waar we mee gaan stoppen.
Ruimte maken voor het nieuwe
Een gemiddeld lijstje met goede voornemens bevat items zoals meer sporten, gezonder eten of meer naar buiten gaan. Hoe hoopvol je ook begint in januari, de goede voornemens blijven vaak niet plakken. Dit komt ook doordat we ons richten op wat we erbij gaan doen. Maar als je én wilt sporten, én vaker meer tijd wilt nemen om (gezond) te koken, én vaker naar buiten wilt om die 10.000 stappen te halen. Waar ga je al die tijd dan vandaan halen?
Veel logischer is het om te bedenken waar je deze dingen mee gaat ruilen. Want zolang er geen ruimte is gemaakt, gaan de nieuwe voornemens niet passen. Er is simpelweg geen plek voor in je dag. Bijvoorbeeld: In plaats van enkel meer te sporten, kies je ervoor om een serie minder te kijken en in die tijd een sportlesje te doen (want wie kan nou en Expeditie Robinson en Wie is de mol en Gooische Vrouwen allemaal volgen?). Soms doet dit pijn, je kunt bij het koffiezetapparaat niet meer meepraten over elke serie die besproken wordt. Dit is ook waarom de focus ligt op wat je erbij gaat doen, want het is moeilijk om afscheid te nemen van dingen.
Ook transities vragen om stoppen
Hetzelfde geldt voor transities. Iedereen is hard bezig met wat we allemaal voor nieuws gaan doen om een transitie te realiseren. Meer zonnepanelen, meer kabels in de grond, meer elektrische auto’s en meer fietspaden. Maar hierdoor lopen we ook tegen grenzen aan. Want we kunnen niet alles tegelijk. Hier is letterlijk geen ruimte voor en ook de materialen die we voor al deze dingen nodig hebben, zijn niet eindig beschikbaar. Daarom moeten we ook de vraag stellen: waar stoppen we mee. Helaas doen we dit nog te weinig.
Op de COP30 werd pijnlijk duidelijk: het stoppen met fossiel is maar moeilijk vast te leggen in beleid. Terwijl er, zolang we fossiel blijven gebruiken, niet genoeg ruimte is voor groen. Dit geldt ook voor de discussie rondom de subsidie van fossiel in Nederland. Zolang fossiele brandstoffen worden gesubsidieerd, is het moeilijk voor andere, schone energiebronnen om te concurreren.
In de circulaire economie komt dit principe ook voor. De eerste stap richting circulariteit is niet voor niets refuse. Om circulair te worden moeten we niet méér gaan doen, maar minder of anders. We moeten lineair gedrag gaan inruilen voor circulair gedrag, anders blijft de lineaire economie bestaan, met een circulaire economie ernaast. Helaas blijkt ook dit nog knap lastig.
Stoppen voelt als verlies Afbouwen is ruimte maken voor wat echt belangrijk is
Als mensen vinden we met dingen stoppen erg moeilijk. We zijn geneigd voor nieuw en meer te gaan. Minder of stoppen voelt als een verlies, vooral als je er al tijd en energie in hebt gestopt. In de praktijk zie je dit terug op allerlei manieren. Vertellen welke cool nieuw project je hebt weten op te zetten, klinkt een stuk beter dan aangeven dat je hebt besloten bepaalde projecten niet meer te gaan doen. Of nieuw, innovatief beleid maken klinkt een stuk beter dan het stopzetten van bestaand beleid. Stoppen betekent vaak dat een voordeel of verwachting verandert – en dat kan vervelend uitpakken voor mensen. Voor overheden is dit extra lastig, omdat stoppen soms betekent dat je iets wegneemt bij bepaalde groepen.
Bedrijven zijn er beter in, zij schrappen bewust projecten die niet bijdragen aan hun kernstrategie. Ze maken ruimte voor innovatie door te stoppen met wat niet meer relevant is. Hier kunnen wij nog iets van leren, voor onze goede voornemens, én in ons transitiewerk. Dit laat zien: Afbouwen moet aandacht krijgen, maar vraagt ook om lef en een andere manier van denken; We moeten stoppen (afbouwen), gaan zien als iets positiefs: het geeft ons namelijk ruimte voor wat echt belangrijk is.
Waar ga jij mee stoppen? En wat krijg je ervoor terug?
Wat kan afbouw ons dan brengen? Denk eraan wat je ervoor terugkrijgt als je het inruilt:
- Het geld dat naar fossiele subsidies gaat, kunnen we steken in een groene en duurzame en economie voor iedereen. Dat betekent meer toegang tot duurzame, betaalbare producten, duurzame werkgelegenheid en een duurzaam verdienmodel voor bedrijven.
- In plaats van een gebouw te slopen, waarderen we de bestaande architectuur en renoveren we met circulaire materialen. Dit geeft gebouwen een uniek karakter, bespaart CO₂ en behoudt cultureel erfgoed.
- In plaats van bezig te zijn met welke nieuwe spullen we willen kopen als cadeau voor ons vrienden en familie, investeren we onze tijd en energie in deze belangrijke relaties door een handgemaakt cadeau of een leuk gezamenlijk uitje. Dat levert meer verbinding en welzijn op dan nog een paar sokken onder de kerstboom.
- Met een bouwstop voor distributiecentra komt er ruimte voor groen, woningen of andere bedrijvigheid. Zo maken we het landschap aantrekkelijker en benutten we schaarse ruimte beter.
- Het huidige afvalbeleid aanpassen zodat er ruimte komt voor hergebruik. Dit geeft ruimte voor de circulaire economie.
Dus stel jezelf de vraag: Welk project, welke beleidsmaatregel of welke KPI durf jij aankomend jaar af te bouwen om ruimte te creëren voor een duurzame toekomst?
Meer weten over afbouw in de praktijk? We gaan graag in gesprek!